Alles behalve professioneel

Het is voor het eerst dat ik als verzorging ben uitgenodigd voor een crematie. Samen met mijn collega, heb ik een uitnodiging ontvangen. En daar zit ik dan. Op een veel te krap plekje, tussen snikkende familie. Toevallig dezelfde zaal waar de uitvaart van mijn lieve opa ook plaats vond. Nee Gentry. Níét huilen. Deze zaal is prachtig, dat vond ik toen en dat vind ik nu. De grote ruiten die het gevoel geven alsof we in de tuin staan maken het af. Het sneeuwt tijdens de plechtigheid hevig. Toeval? Mevrouw hield van de sneeuw. Nee, dat is geen toeval.

Er wordt mooi over haar gesproken, de familie en zijzelf hebben prachtige nummers uitgekozen. Er speelt een diashow op de schermen met foto’s, ach wat een leuke foto’s en wat leuk om mevrouw op deze manier te zien. Het gesnik neemt ondertussen steeds meer toe, ik voel dat mijn ogen waterig worden maar ik vecht tegen mijn tranen. Níét huilen. Professioneel. Geen familie.

En daar is ie, de laatste foto. Ik zie mijzelf en Robbie. We zijn tijdens onze huisbezoeken op de afdeling geweest als zwarte piet. Ik moest even naar haar toe, de vrouw die een speciaal plekje in mijn hart had veroverd. Ik kijk nog eens goed, maar de foto is al weg.

Ik kan de tranen niet meer bedwingen en huil met de familie mee. He bah. Ik had mijzelf nog zo voorgenomen dit niet te doen. Het raakt me, misschien is het de ruimte. Misschien de foto. Maar vooral is het de lieve familie en hun vrouw, moeder en oma. Wat was ze sterk, onvoorstelbaar. Zoveel respect voor haar, de manier waarop ze het leven van haar maakte. De manier waarop ze zelfs op haar ziektebed haar man en zoons nog in het gereel wist te houden.

Het is natuurlijk verre van professioneel om je zo te laten gaan bij een cliënt. Mee huilen met familie terwijl ik maar een fractie in haar leven mocht zijn. Toch kan ik het niet helpen. Ik zou dit werk niet moeten doen, als ik mijn hart zo nu en dan niet verloor op de afdeling. Het zijn zoveel appartementen, zoveel verschillende mensen. Zo nu en dan wordt er onbewust iemand dusdanig speciaal, dat het niet meer lukt om afstand te bewaren.

Is dit nou wel goed? Moet ik dit wel toestaan? Ik praat erover met een paar collega’s. Uiteindelijk beslis ik voor mijzelf, dat dit is wie ik ben. Gepassioneerd in de zorg, met zo her en der een zwakte. Ten slotte ben ik namelijk naast verplegend personeel, ook maar een mens. Het maakt me blij om te zien dat er cliënten zijn die opleven als ik binnen kom lopen. Dat is wat ik graag doe, dat is wie ik ben. Voor sommige collega’s helemaal niet te begrijpen en voor de ander juist herkenbaar. Want net als al onze cliënten, zijn wij als personeel ook niet allemaal hetzelfde. En dat is helemaal oké.

 

Advertenties